Toelichting bij de financiële nota

Terug naar navigatie - Toelichting bij de financiële nota - Toelichting bij de financiële nota

Exploitatie-ontvangsten

De exploitatieontvangsten stijgen in deze aanpassing van het meerjarenplan.  In 2026 stijgen deze van 299,6 miljoen euro naar 303,7 miljoen euro.

Binnen de ontvangsten uit werking wordt er 100.000 euro extra voorzien voor de variabele concessie van Indigo, die bij opmaak van het initiële meerjarenplan te laag werd ingeschat.  Ook de huurinkomsten van Hangaar I worden nu op de correcte plaats voorzien, een verhoging van de ontvangsten uit werking met 105.000 euro.  Tot slot werd de stijging in de basistegemoetkoming in de woonzorgcentra berekend en wordt er 200.000 euro aan extra ontvangsten verwacht, terwijl anderzijds in de dagzorgcentra een derving van in het forfait wordt ingeschreven van -120.000 euro. 

Uit het schema T2 (W) blijkt ook dat er begin 2026 reeds een belangrijke verschuiving geweest van de rubriek "andere ontvangsten uit de werking" naar "ontvangsten uit retributies" van ruim 15 miljoen euro.   Deze, louter technische, verschuiving werd uitgevoerd binnen de krijtlijnen van een "aanpassing van de ramingen".  Deze, maar ook alle andere aanpassing ramingen komen in het schema T2(W) zichtbaar tot uiting om de aansluiting te maken tussen het referentiebudget (initieel budget) en het nieuwe budget.

Naar aanleiding van de brief van FOD Financiën dd 16/04/2026 worden de opbrengsten uit aanvullende personenbelasting opgetrokken met bijna 500.000 euro in 2026.   Binnen de eigen belastingen voorzien we 100.000 euro minder dan initieel voorzien uit belastingsinkomsten drijfkracht.  Anderzijds wordt er ook 300.000 euro extra voorzien voor de belasting op uithangborden m.b.t. het aanslagjaar 2025 welke pas in hert eerste semester 2026 ingekohierd wordt.  Tot slot voorzien we  165.000 euro extra inkomsten uit plaatsrecht markten.

Op basis van de geactualiseerde bedragen op de website van het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB ) d.d. 01/04/2026 werd in elk jaar van het meerjarenplan zo'n 500.000 euro recurrent aan de basisdotatie van het gemeentefonds toegevoegd.  Daarnaast voorzien we ook extra 116.000 euro voor het saldo van de subsidie plan samenleven maar wordt de personeelssubsidie binnen integrale veiligheid met 263.000 euro naar beneden bijgesteld.

De subsidies voor het loon van onderwijzend personeel ten laste van andere overheden wordt ook in elk jaar van dit meerjarenplan voorzien, 4.150.000 euro per jaar.  Ook aan uitgavenzijde wordt dit bedrag voorzien.

Door een daling in de geraamde budgetten van uitgaven steunverlening OCMW, stellen we de subsidieverwachtingen voor de financiering leefloon naar beneden bij met 1,3 miljoen  euro.  Ook de recuperatie individuele hulpverlening wordt naar beneden bijgesteld met een bedrag van 640.000 euro.

 

 

 

Exploitatie-uitgaven

De exploitatie-uitgaven stijgen in deze aanpassing van het meerjarenplan.  In 2026 stijgen deze van 281,1 miljoen euro naar 282,9 miljoen euro.

Over diverse beleidsvelden heen worden de uitgaven voor goederen en diensten verhoogd met ruim 540.000 euro. De volgende jaren van het meerjarenplan voorzien we een daling in deze uitgaven.  Deze daling is hoofdzakelijk het gevolg van een daling in de uitgaven voor uitzendkrachten en anderzijds door een daling in de uitgaven binnen de directie welzijn.  Deze laatste post werd in het initiële meerjarenplan te hoog geraamd. 

De stijgingen in 2026 van de rubriek goederen en diensten zijn beperkte dringende aanpassingen zoals kosten voor de verhuis van het bestuurlijk archief of de te voorziene uitgaven binnen subsidieprojecten (zoals de projecten SMARTER,  PRIZER of RODEO).   Ook uitgaven m.b.t. de omgevingsaanleg van de Grote Post, een verbintenis uit 2025 die opnieuw diende voorzien worden t.b.v. 130.000 euro, wordt in deze aanpassing opgenomen.

De bezoldigingen stijgen elk jaar in deze aanpassing van het meerjarenplan.  Dit komt doordat we de loonlasten voor onderwijzend personeel ten laste van derden opnemen in het meerjarenplan, net als de subsidies aan ontvangstenzijde.  De 2,9 miljoen euro voor het conservatorium komt tot uiting op het schema T2(W), de overige 1,2 miljoen euro  voor het deeltijds kunstonderwijs staat momenteel nog onder het niet-vastbenoemd niet-onderwijzend personeel.  Deze worden nog budgettair verschoven in een volgende aanpassing van de ramingen.  

De uitgaven responsabiliseringsbijdrage worden ook met een miljoen verlaagd teneinde een nauwere aansluiting te maken met de budgettaire last in het correcte boekjaar (N+1).

We passen, net zoals aan ontvangstenzijde, de verwachte uitgaven voor individuele hulpverlening door het OCMW aan nadat blijkt dat de cijfers in de jaarrekening 2025 ook merkelijk lager lagen dan wat werd begroot.  Het gaat aan uitgavenzijde om een daling van 2,5 miljoen euro in 2026.  Ook volgende jaren van dit meerjarenplan trekken we deze trend door.

De belangrijkste verschuiving binnen de werkingssubsidies is de schrapping van 500.000 euro aan restbedragen voor sportinfrastructuur t.a.v. Farys.  We voorzien wel middelen voor de uitbetaling voorschot 2027 voor Les Films du Bord de Mer in 2026, wat uiteindelijk louter een verschuiving is van middelen in de tijd, alsook middelen aan De Grote Post voor de aanpak van het grote podium.

De kosten van schulden, de rentelasten, trekken we met 400.000 euro op. Ook de rentelasten verbonden aan de leasingschuld van Hangaar I worden nu op de correcte budgettaire sleutels geplaatst.

 

 

 

Investeringsontvangsten

Bij de investeringsontvangsten schrappen we 1,2 miljoen euro investeringssubsidies voor de realisatie van de Prins Roselaan.  De uitgave werd in het initiële meerjarenplan niet weerhouden, dus schrappen we ook de investeringsontvangst.   We kunnen dan wel weer de ontvangen subsidie van het wijkverbeteringscontract aanzuiveren, goed voor een bedrag van 0,9 miljoen euro en ook de subsidie van 340.000 euro van WVI en ANB voor de aankoop van stadsrandbos wordt in het budget opgenomen.  Ook werd nog een subsidie gerealiseerd, als uitloper van het meerjarenplan 2020-2025, voor De Pelikaan t.b.v. 122.000 euro.

De verwachte inkomsten uit verkoop van vaste activa in 2027 worden opgetrokken met 2,5 miljoen euro.  De lijst van te verkopen patrimonium is opgenomen in de toelichting onder de titel "Belangrijkste assumpties en grondslagen".

 

 

Investeringsuitgaven

Bij de investeringsuitgaven valt vooral op dat de overdrachten van transactiekredieten 2025 worden toegevoegd aan de budgetten 2026.  Dit zorgt voor een uitgavenstijging van bijna 6 miljoen euro.

Daarnaast werd 200.000 euro aan extra middelen voorzien voor dringende werken i.h.k.v. de veiligheid.  We voorzien ook zo'n 250.000 euro voor werken in de H. Serruyslaan om de riolering aan te pakken samenvallend met de werken van de Lijn.  We verlagen anderzijds de te hoge raming voor de aanleg van afvalstraten met 220.000 euro.  De budgetten voor de omgevingsaanleg van de kinderboerderij worden dan weer opgetrokken met 288.000 euro.

Ook wordt er 120.000 euro voorzien voor een reachtruck en rekken in de stedelijke werkhuizen en 125.000 euro voor de levering van 12 buffetserveerwagens in de WZC. 

Een grote impact bij de investeringsuitgaven is de correcte inschatting van de ontstane leasingschuld van hangaar I.  Deze werd initieel geraamd op 18,5 miljoen euro wat de totale budgettaire uitgave zal zijn gedurende het contract.  De reële waarde van het actief blijkt uit ontvangen documentatie 13,2 miljoen euro.   Naast correcte budgettering van deze kosten, verlaagt enerzijds de leasingschuld substantieel.  Aan de kant van de investeringsuitgaven daalt de leasingkost van 18,5 miljoen euro naar 13,2 miljoen euro.

Door de omschakeling van doorgeefleningen naar investeringssubsidies wordt de voorziene investeringssubsidie opgetrokken met 1,3 miljoen euro, gebaseerd op de budgetwijzigingen van de kerkfabrieken.  De subsidie voor Mu.Zee wordt met 60.000 euro opgetrokken en ook voor de kinderopvang verhogen we het budget met 40.000 euro om de verwachte aanvragen te kunnen opvangen.

 

 

Liquiditeitenontvangsten

Door de lagere leasingkost van Hangaar I daalt uiteraard ook de daaraan gekoppelde leasingschuld.   Net zoals  bij de investeringsuitgaven daalt deze post met 5,3 miljoen euro.  Voor de afrekening van de S-Divisie van Farys voorzien we ook een bijkomende leasingschuld van 166.000 euro.   

Verder schuiven we ook de opname van 2 miljoen euro aan kredieten bij banken van 2031 naar 2028.

 

 

 

Liquiditeitenuitgaven

Bij de liquiditeitenuitgaven verlagen we de verwachte aflossingen van leasingschuld i.h.k.v. pps-overeenkomsten met 440.000 euro.